Naar de inhoud
20 dec 2011Nieuws

Darwin in Friesland

Na een jaar van afwezigheid stond vandaag de traditionele ‘donkere dagen cross’ van Surhuisterveen weer op de kalender. Het internationale programma, de Friese ambiance en een selecte groep renners is elk jaar weer een garantie voor gezelligheid en startpunten. Die verwachting was dit jaar niet anders. Het parcours was, uitgezonderd de start/finish passages in de winkelstraat, verlegd van de ijsbaan even buiten het dorp, naar een omloop over een doorlopen weiland, een zandstrook op een VIP-parkeerplaats, een woonwijk en een park. De weilanden stonden op sommige stukken geheel blank; diepe plassen en gestaag vallende regen bij 4 graden zorgden ervoor dat je na één enkele verkenningsronde er als een moddermannetje uitzag. Niet echt prettig, maar je bent crosser en dan heb je te maken met alle omstandigheden. Daarbij, het is in het verleden wel vaker nat geweest in Surhuisterveen, en kou?, de vorige editie reden we over sneeuw en ijs.

Aan het vertrek bij de Amateurs stond Bert Jan Hamer, die gretig was in zijn laatste wedstrijd onder Amstelvlag. Bij de Masters, die 2 minuten later startten, Jan van Herwijnen en reisgenoot Pieter Heidema (UWTC). Kleumende en springende renners verdrongen zich onder een afdakje bij de startopstelling. Toch lukte het de jury om ruim 5 minuten uit te lopen bij het oproepen van de renners.

De adrenaline zorgde bij iedereen voor een bijzonder explosieve sprint naar de eerste bocht, rechtsaf de steeg in, over een brug en dan het veld in. Pieter was goed weg, Jan in eerste instantie ook, maar merkte bij de eerste meters in het veld dat het niet liep. Niet forceren was nu het credo, blijven rijden, de koers is zwaar genoeg. Alleen, het ging steeds moeizamer voor Jan. Ondanks de maximale inspanning koelde zijn lichaam sneller af dan dat het warm werd. Na twee ronden zag hij Pieter wat verdwaasd rondrijden op een stukje niemandsland tussen twee linten. Zou hij pech hebben? Hé, daar gaat Bert Jan, daar zit nog snee op zeg!

Buitenblad? Nee binnenblad, 21, nee, klik, 23. Komt niet vooruit, lopen dan maar. Richard Visscher (u kent hem uit eerdere verslagen) fietst Jan voorbij. Op het verharde wordt Richard eenvoudig gepasseerd. Toch te veel lucht in de tubes denkt Jan. In het parkje gaat Richard weer voorbij, hij rijdt zo weg in de modder? Te langzaam, lopen maar weer, hebben immers onze voorouders als jagers over de toendra´s ook gedaan. Evolutionair inzicht. Opspringen, duizenden keren gedaan. Wat is dat nu? Krijg voeten niet in het pedaal, sturen gaat moeizaam. Weer lopen, warm worden, geen kracht met fietsen. Vijf man gaan Jan voorbij, binnen 100 meter. De koude, merk nu het trillen. In de laatste ronde ook nog gedubbeld door de eerste drie, sterke tweede zege van Tino Haakman in een landelijke cross. Finish. Snel naar de kleren onder het afdakje bij de start. Ritsen niet gemaakt op een handtrilfrequentie van 5 Hz. Naar de auto met open jack. Spullen pakken en naar de douche. Daar is Pieter al. Hij ook koud en gebroken moraal. De douche was warm, maar uiterst zwak. Dan maar droogwrijven met handdoek. 

Even later in Brasserie Kolkzicht zaten twee opgewarmde renners wat beteuterd aan de koffie, ondertussen de dameskoers volgend. Waar vroeger de enveloppen open gingen, stond nu bij de één een DNF achter de naam en was de ander slechts diep in de uitslagenlijst te vinden. En Bert Jan? Die breekt zijn prijzengeld tijdens de après-ski in de kerstvakantie.